je autisme verborgen houden?

In 2014 kreeg ik mijn diagnose. De diagnose was enerzijds een enorme opluchting en verklaring voor allerlei zaken waar ik mijn hele leven al tegenaan liep. Nu ik een verklaring had, kon ik veel zaken anders aanpakken. Dit proces is nog steeds gaande en kost tijd en energie. Ik beschouw mijn diagnose als privé. Net als ieder ander heeft een arts ook recht op privacy. Dus ik vertel mijn patiënten met autisme ook niet dat de dokter het zelf ook heeft. Die neiging is er soms wel, omdat ik zeker weet dat het sommigen zou helpen in hun eigen zoektocht. Tegelijk wil ik niet, dat ik mensen belast met mijn geschiedenis. In de spreekkamer hoort het niet om de dokter te draaien.

Mijn directe collega heb ik meteen ingelicht. En in de periode er na enkele collega’s waarmee ik veel had samengewerkt en die ik vertrouwde. Hun reacties waren stuk voor stuk bemoedigend, sommige “hadden het wel eens gedacht van mij”. Dat vond ik de fijnste reacties, dat collega-huisartsen niet van hun stuk waren door mijn diagnose. Ikzelf was namelijk in die tijd wél van mijn stuk. Continu hamerde het in mijn hoofd “ik ben autistisch, waarom heeft niemand dit eerder bij mij gezien?”.

In die tijd sterkte dit egeltje bij ons aan. Als het de omgeving vertrouwde, kwam het tevoorschijn. Het egeltje inspireerde mij: Ik wilde me graag meer comfortabel gaan voelen met mijn pas ontdekte diagnose, en niet de rest van mijn leven opgerold doorbrengen.
onze-opvangegel-2016
Het voelde helemaal niet goed, te weten dat ik autisme had en daarover te zwijgen binnen de medische wereld. Nu ik wist wat autisme echt inhield, besefte ik ook van welke vooroordelen over autisme ik voorheen uitging. En welke vooroordelen er nog steeds zijn, ook onder artsen. Ik wilde kenbaar maken dat er artsen waren met autisme. Ik zocht contact met de werkgroep “Vanuit Autisme Bekeken” en meldde dat ik huisarts was met autisme. Dat bericht kwam terecht bij de KNMG (Koninklijke Maatschappij tot Bevordering der Geneeskunst) en in 2015 werd ik geïnterviewd, voor de zekerheid nog anoniem. De reacties op het interview hebben me overrompeld. Er bleken inderdaad meer artsen, geneeskundestudenten en co-assistenten te zijn met autisme. Allen hielden het net als ik verborgen. Op die manier blijft autisme bij artsen onzichtbaar en houden we onszelf met z’n allen voor de gek. Ik kan mijn autisme prima camoufleren, daar ben ik een kei in. Maar het geeft risico’s, bijvoorbeeld dat mijn collega’s geen rekening met mijn zwakke kanten kunnen houden. Ik geloof erg in openheid over psychische problemen, ook bij artsen onderling. Niet dat ik autisme per se een “psychisch probleem” vind, maar het is niet goed als een mens, een arts, zoiets essentieels van zichzelf krampachtig moet verbergen.