over mij

Deze website is een initiatief van Els van Veen (1970, Amsterdam), huisarts.

UTRECHT – Portret van Els van Veen.
  •  artsexamen 1997, VU Amsterdam
  •  huisarts sinds 2003
  •  diagnose autisme 2014
  •  website www.artsenmetautisme.nl 2016

In 2014 werd de diagnose autisme bij mij gesteld. Ik was op dat moment 11 jaar werkzaam als huisarts. Zelf de diagnose autisme krijgen was een bizarre ervaring. Ik moest een nieuwe identiteit ontwikkelen en wist tegelijk niet of ik wel huisarts kon zijn, blijven, met autisme. Ik kwam met de autisme-diagnose voor grote dilemma’s te staan. Moest ik er open over zijn? Moest ik dit melden bij mijn arbeidsongeschiktheidsverzekering? Vragen waarvoor ik naar mijn idee toen bij niemand terecht kon. In de medische wereld hing de sfeer dat dokters geen autisme konden hebben. Als ik het al vertelde aan collega’s, werd vaak geadviseerd “hou het maar voor jezelf”. Het moeilijkste vond ik destijds, het gevoel de enige arts met autisme in Nederland te zijn.

In 2017 ging ik “uit de kast” in artsenblad Medisch Contact. Na mijn coming out reageerden er meteen veel andere artsen die dezelfde diagnose hadden gekregen. Ik begon met het organiseren van netwerkbijeenkomsten voor hen. De stichting Vanuit Autisme Bekeken helpt bij de organisatie ervan.

Sinds de coming out ben ik gaan inzien dat ‘autisme’ geen echte ‘diagnose’ is in de medische zin van het woord. Ik zie autisme niet als ‘iets dat je overkomt’. Ik zie autisme meer als een eigenschap en niet per se als een stoornis. Ik verwerk informatie op een andere manier als de ‘gemiddelde’ mens en dat heeft lastige en positieve kanten. Hoe die balans tussen positieve en negatieve kanten er uit ziet zal voor ieder individu met autisme verschillend uitvallen. Mijn positieve eigenschappen zijn bijvoorbeeld: Oog voor detail, ook in mijn contacten met patiënten. Ik ben zorgzaam en kan goed luisteren, zonder oordeel. Ik ben erg creatief, dat komt denk ik doordat ik de gebaande paden -van anderen- vrij snel saai vind. Verder ben ik sterk analytisch ingesteld. Let op: Dit zijn mijn sterke kanten. Je kunt dit niet omdraaien en toepassen op alle mensen met autisme. Ik ben geboren met deze eigenschappen. Door de diagnose -op mijn 43e- te krijgen, ben ik niet veranderd als mens.

Na het krijgen van mijn diagnose begon ik mij te verdiepen in de psychiatrie en de manier waarop zij over autisme communiceert. Ik las boeken zoals ‘de DSM-V voorbij!’ van hoogleraar psychiatrie Jim van Os, ‘identiteit’ van Paul Verhaeghe en het proefschrift van psychiater en wetenschapsfilosoof Berend Verhoeff: autism’s anatomy Er werd mij duidelijk dat in verschillende tijden de psychiatrie zeer verschillend gedacht heeft over autisme. Ik denk dat autisme een onmogelijk concept is. Maar ik wil kwetsbare mensen, die aan hun autisme-diagnose steun ontlenen, niet in verwarring brengen. Dit is een nieuw dilemma voor mij.

Nadat ik als huisarts de diagnose autisme kreeg, waren er positieve aspecten. Ik kreeg meer inzicht in mijzelf. Maar er waren ook schadelijke aspecten aan het krijgen van deze diagnose. Ik geloof niet dat het een oplossing is, om zoveel mogelijk mensen in onze samenleving te ‘labelen’ met de autisme-diagnose. Ik geloof meer in echt begrip voor elkaar en echte inclusiviteit. Daarvoor is nodig dat wij naar elkaar luisteren, zonder elkaar in te delen in -bijvoorbeeld- een classificatiesysteem zoals de DSM dat is (ASS is eigenlijk een DSM-classificatie). Een classificatiesysteem doet namelijk mensen in hun unieke ‘menszijn’ tekort. Niet alleen artsen met autisme.