verbinding

Ik benader de andersheid van de Ander vanuit de verbondenheid
die ik met hem heb
en niet door
buiten de relatie te treden
om over de termen ervan te reflecteren.

Emmanuel Levinas

Een diagnose als autisme kan groepen mensen tegenover elkaar plaatsen: ‘Er zijn mensen met autisme en er zijn ‘neurotypische’ mensen.’
Het leidt in mijn ervaring tot wij-zij denken, van beide kanten. Neurotypische mensen hebben hun beelden over mensen met autisme. De mensen met autisme gaan nogal eens benadrukken dat zij gewoon ‘anders bedraad’ zijn en sommigen benadrukken zelfs dat dat in een aantal opzichten beter is.

Ik heb dit zelf ondervonden toen ik de diagnose autisme op mijn 43e kreeg. Opeens zat ik in het hokje van de autisten. En ik merkte dat veel andere mensen met autisme de mensen zonder autisme ‘neurotypisch’ noemen. Dat vond ik destijds al vreemd. Mijn eigen partner had geen autisme en zou dan neurotypisch zijn. Ik heb hier een hele tijd mee geworsteld. Tot ik na mijn coming out ontdekte dat de diagnose autisme helemaal niet zo erg duidelijk is. Zelfs niet voor psychiaters.
Gaandeweg 2017, het jaar van de coming out, kwam ik met heel veel andere mensen met ASS in contact. En sommige hadden volgens hun psycholoog of psychiater ‘net geen autisme’. Anderen kregen bij een second opinion alsnog de diagnose autisme. Of andersom, dan werd bij een tweede psychiater gezegd dat er geen sprake was van ASS. Het maakte me duidelijk dat men er ook binnen de psychiatrie niet goed over uit is, wanneer iemand wel of geen autisme heeft.

Ik geloof niet in wij-zij denken. Ik geloof meer in verbondenheid tussen mensen. In ‘het boek van vreugde’ staat daar een heel mooie passage over. Dit boek is geschreven ter ere van de 80e verjaardag van de Dalai Lama. Een week lang trokken hij en zijn goede vriend Aartsbisschop Tutu met elkaar op in Dharamsala, India. Zij geven in dit boek hun visie op hoe elk mens een zinvol leven vol vreugde kan leiden.

De Dalai Lama en Aartsbisschop Tutu zeggen het volgende over ‘verbinding’:
(Dalai Lama:) ‘In mijn jonge jaren gaf ik onderricht. Ik was altijd heel gespannen omdat ik mijzelf anders zag dan mijn gehoor, ik voelde me niet één van hen. Vanaf 1959, toen ik buiten Tibet woonde, dacht ik: deze mensen zijn net als ik, precies zo menselijk. Als wij menen iets speciaals te zijn of niet speciaal genoeg, dan liggen angst, nervositeit, stress en onrust op de loer. Wij zijn allemaal hetzelfde.’

‘De Dalai Lama en ik reiken een manier aan om met je zorgen om te gaan, en wel: denk aan anderen,’ zei de Aartsbisschop. ‘Je kunt je gedachten richten op mensen die in een vergelijkbare of zelfs ergere situatie zaten en deze hebben overleefd, en er zelfs beter van zijn geworden. Jezelf zien als onderdeel van een groter geheel helpt een heleboel.’ Weer gold dat de weg van vreugde kon worden samengevat in het woord ‘verbinding’ en de weg van lijden in het woord ‘afzondering’.

Ik ben het van harte eens met deze wijze geestelijk leiders. Wij-zij denken leidt tot afzondering van elkaar, terwijl wij mensen elkaar juist nodig hebben. Het is vaak niet nodig om elkaar in te delen in hokjes, omdat het lang niet altijd relevant is. Elk mens wil graag zonder vooroordelen tegemoet getreden worden. En een diagnose autisme bepaalt niet wie je bent, net zomin als je geslacht of geaardheid dat doen. Het zijn allemaal ‘indelingen’; handig om te weten, maar uiteindelijk bepalen ze onze identiteit niet.